Science in Transition breidt uit

woensdag 2 september 2015

Science in Transition breidt uit met vijf nieuwe leden en organiseert in maart 2016 een derde conferentie bij de KNAW.

Science in Transition organiseert op 15 maart 2016 een derde conferentie in het Trippenhuis van de KNAW om ‘het idee van de universiteit’ te bediscussiëren. Science in Transition zal begin volgend jaar in een essay haar ideeën daarover naar buiten brengen. Een belangrijk uitgangspunt blijft dat het huidige waarderingssysteem voor wetenschap onvoldoende recht doet aan de verschillende opbrengsten van wetenschappelijk onderzoek en academisch werk. Science in Transition blijft zich inzetten voor een wetenschapssysteem waarin kwaliteit en relevantie van wetenschappelijk onderzoek voorop staan en waarin onderwijs en onderzoek een natuurlijke relatie hebben.

In de aanloop naar de conferentie in maart 2016 discussieert Science in Transition over bovenstaande thema’s in de context van internationalisering. Internationalisering als middel om de kwaliteit en impact van hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek te verbeteren verdient steun, maar het kan ook nadelige effecten sorteren. Science in Transition zal de komende maanden de effecten van internationalisering nader onderzoeken, met name ook in relatie tot eerdere kritiek op het wetenschapssysteem, en met beleidsaanbevelingen komen. Dit werkdocument dient als startpunt voor dat debat (pdf).

Uitbreiding van Science in Transition
Daarnaast breidt Science in Transition uit. De vier oprichters Frank Miedema (UMC Utrecht, Universiteit Utrecht), Wijnand Mijnhardt (Universiteit Utrecht), Huub Dijstelbloem (Universiteit van Amsterdam, Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid) en Frank Huisman (UMC Utrecht, Maastricht University) krijgen versterking van vijf nieuwe leden. Te weten:

Prof. dr. Barbara Oomen (decaan van het University College Roosevelt in Middelburg, Universiteit Utrecht).  “De herwaardering van het geven van onderwijs, als kernactiviteit van iedere wetenschapper, mag nog veel hoger op de agenda. Er is geen betere en meer logische manier van valorisatie dan via je studenten. Onderwijs geven noopt tot wetenschappelijke verbreding en vernieuwing.”

Em. prof. dr. Kees Schuyt (Voormalig hoogleraar sociologie aan de UvA en onder andere voormalig voorzitter van het Landelijk Orgaan Wetenschappelijke Integriteit van de KNAW). “In plaats van verhitte concurrentie en economisering van elk universitair kennisonderdeel zouden universiteiten een klimaat van coöperatie en zelfvertrouwen in de wetenschap moeten nastreven om de problemen voor de eerstkomende tijd gezamenlijk aan te pakken.”

Dr. Sarah de Rijcke (Centre for Science and Technology Studies, Universiteit Leiden, mede-auteur van The Leiden Manifesto for Research Metrics). “Ik wil duidelijk maken dat eenzijdige toepassing van kwantitatieve indicatoren leidt tot verschraalde wetenschap; het perkt onderzoek in tot dat wat telbaar is. Verder zijn one-size-fits-all evaluatieprocedures een uiting van een beperkt moreel raamwerk over de relevantie van onderzoek. We hebben een alternatief raamwerk nodig dat minder opereert vanuit een bureaucratische rationaliteit.”

Prof.dr. Pauline Meurs (hoogleraar Bestuur van de Gezondheidszorg aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, en voorzitter Raad voor Volksgezondheid en Samenleving, voormalig bestuurslid van ZonMw). “Een van de zaken waar ik aandacht voor wil vragen is dat randomised clinical trials in de geneeskunde worden gezien als hoogste vorm van bewijs voor effectiviteit, maar dat leidt tot een structurele onderwaardering voor bepaalde kanten van de geneeskunde, zoals sociale geneeskunde of gebieden waar multidisciplinariteit een sleutelrol speelt.”

Prof. dr. Paul Frissen (decaan en bestuursvoorzitter van de Nederlandse School voor Openbaar Bestuur te ‘s-Gravenhage, hoogleraar Bestuurskunde aan de Universiteit van Tilburg). “De wetenschap zelf houdt de huidige, veel bekritiseerde kwaliteitscriteria in stand. Dit heeft geleid tot een zelfreferentieel systeem van elkaar citerende wetenschappers zonder al te veel relaties met hun kenobject. Dit alles moest wel leiden tot verarming en verschraling.”

Verder betuigt prof. dr. Hans Clevers (stamcelonderzoeker aan het Hubrecht Instituut, UMC Utrecht, Universiteit Utrecht en lid van de raad van bestuur van het Prinses Maxima Centrum voor Kinderoncologie, voormalig president van de KNAW ) zijn steun aan Science in Transition. “We moeten het debat over het wetenschapssysteem blijven voeren. Ik denk onder andere dat de competitie om onderzoeksbeurzen uit de hand gelopen is: te veel jonge talenten strijden om te weinig beurzen. Zelfs voor heel getalenteerde jonge onderzoekers is het daarmee moeilijk om carrière te maken in de wetenschap. Ook moeten we nadenken over manieren om de reproduceerbaarheid van onderzoeksresultaten te vergroten.”

Impact van Science in Transition
Sinds de lancering eind 2013 heeft Science in Transition sterk bijgedragen aan het debat over wetenschappelijke kwaliteit en relevantie. Naar aanleiding van de position paper en de eerste conferentie in 2013 volgden tientallen interviews, debatten en lezingen verspreid over alle Nederlandse universiteiten. Science in transition werd uitgenodigd door minister Bussemaker van het ministerie van OCW en door de commissie die het Interdepartementaal Beleidsonderzoek ‘Wetenschappelijk onderzoek’ uitvoerde. Ook bij de verschijning van de Wetenschapsvisie 2025 van het ministerie van OCW mocht SiT toelichting geven aan Tweede Kamerleden. ZonMw nodigde SiT uit om een nationaal onderzoeksprogramma ‘Fostering responsible research’ mede vorm te geven (link naar verwante verhalenbundel).
In het nieuwe Standaard Evaluatie Protocol voor wetenschappelijk onderzoek schrapten VSNU, NWO en KNAW ‘productiviteit’ als zelfstandig criterium (maart 2014). Op de tweede Science in Transition-conferentie, december 2014 in Amsterdam, ondertekende de VSNU de San Francisco Declaration on Research Assessment en stelde VSNU-voorzitter Karl Dittrich dat “binnen de wetenschap de inhoudelijke kwaliteit van het werk voorop moet staan”.

Science in Transition in het buitenland
De analyse van Science in Transition bleef ook buiten Nederland niet onopgemerkt. De Europese Commissie verwees in haar achtergrondartikel ‘Science 2.0: Science in Transition’ expliciet naar het Nederlandse debat en naar Science in Transition. Vertegenwoordigers van SiT hebben op diverse workshops in heel Europa meegedacht over Science 2.0/Open Science en spraken op de Responsible Research and Innovation-conferentie in Rome (november 2014).
Verder levert Science in Transition in september 2015 een bijdrage aan de Research Waste /EQUATOR Conference in Edinburgh. Ook spreekt Science in Transition in november 2015 op de METRICS-conferentie, georganiseerd door Stanford University. SiT is ook een formele METRICS Affiliate. Dit is een internationaal netwerk van onderzoekers dat de kwaliteit van biomedisch onderzoek wil verbeteren.

 

« terug naar overzicht

Geen reacties